Vorige pagina
'Laten we vaker zeggen dat we van elkaar houden'

Als we aankomen bij keramiste Tessa Droog voel je direct de lente. De zon schijnt en we worden ontvangen in de ruime en lichte galerie die grenst aan haar woonhuis. Bloesemtakken in vazen en overal het eigen werk van Tessa in haar onmiskenbare stijl en kleuren.

Tessa maakt o.a. keramieken urnen dus gaat het gesprek al snel over de reden dat we hier zijn. “Gek hé, hoe zo’n object dan ineens een echt “ugh“ moment kan worden”, zegt ze en ze trekt er een vies gezicht bij. “Mensen zien dit als sierobject en als ze zich dan realiseren dat er as in kan krijgt het soms opeens een hele andere lading”. Wat dat betreft zou Tessa het praten over de dood meer willen openbreken. Het is onderdeel van het leven.

Hand

De eerste uitvaart die grote indruk heeft gemaakt is het overlijden van haar oma. “Ik had een hele goede band met haar. In de zomer, voordat ik op vakantie zou gaan, zat ik aan haar bed en voerde haar stukjes zalm. Ze ging hard in gezondheid achteruit.” Tessa beloofde haar na de vakantie direct terug te komen. Toen haar moeder tijdens haar vakantie gebeld werd omdat oma was overleden, was ze verdrietig en boos. “Daar heb ik echt nog heel lang mee gezeten”, zegt ze aangeslagen. “Ik had niet goed afscheid van oma genomen. Toen droomde ik dat ik met mijn moeder en oma op een terrasje zat en tegen oma zei hoe erg ik dat vond. Oma zei toen dat ze wél afscheid hadden genomen. Ze had mijn hand vastgehouden en gezegd: “Dag Tess”. Toen ik me herinnerde dat het inderdaad zo was gegaan die laatste keer bij oma, kon ik er vrede mee hebben.”

Kil en winderig

Dat ze bij de uitvaart iets heeft kunnen doen, heeft zeker geholpen bij het verwerkingsproces. Tessa zong, als 22-jarige, een lied van Montezuma’s Revenge. Het moment dat de kist de kerk werd uitgedragen, raakte haar het meest. “Dat was zo definitief, toen hield ik het niet meer”.  Ze herinnert zich een koude en winderige begraafplaats en moet lachen. “Het was zomer, maar ik herinner het me als kil en winderig.”
Begraafplaatsen vindt ze sowieso helemaal niets. “Daar zo buiten bij zo’n gegraven gat”. Ondanks haar katholieke opvoeding heeft ze niets meer met de kerk en de symbolen. “Ik voel me er niet meer thuis. Leg mij maar in een hippe zaal, of liever nog…in mijn eigen tuin!” Het mag voor Tessa allemaal wat losser en vrolijker. “Hoe leuk zou het zijn als er een lekkere drumband voor de uitvaartstoet zou drummen?”

Lieve mensen

Het overlijden van een vriendin na een kort ziekbed veranderde haar kijk op de dood. “Dat oude mensen doodgaan is een natuurlijk proces. Als een jong iemand, met jonge kinderen, die zo vol in het leven staat, ziek wordt, dan besef je je ineens dat het iedereen kan overkomen. Het is zo verdrietig om die strijd te zien en zo zwaar om je bij neer te leggen. Dit heeft me echt wel met twee voeten op de aarde gezet. Je geniet meer van kleine dingen,  je bent je meer bewust van alle lieve mensen om je heen en dat je vaker moet zeggen hoeveel je van hen houdt.”

Eigen invulling

Tessa heeft graag mensen om zich heen en hoopt dat dat bij haar eigen uitvaart niet anders zal zijn. “Mensen zullen verdrietig zijn, maar laten ze ook vieren dat ik een mooi leven heb gehad.” Ze heeft zelf ervaren dat het mogen zingen op de uitvaart van haar oma haar grote troost bracht. Daarom wil ze niet haar hele uitvaart uitwerken maar iets overlaten aan de nabestaanden. “Mijn familie moet het uiteindelijk regelen, want ik ben er niet meer. Misschien putten ze troost uit mijn wensen, maar ik wil dat zij zich er goed bij voelen.” “Ik geloof dat ik gecremeerd wil worden en dan uitgestrooid of in de grond met een mooie boom erboven op. De mooiste plekken op begraafplaatsen zijn toch die oude delen. Met die prachtige oude bomen. Op zulke plekken zou ik, als kunstenaar, wel iets vernieuwends willen creëren. Om daar te zitten en naar boven te kijken door het dichte bladerdek. De blauwe lucht erachter. Ja, ik kijk liever naar boven dan naar de grond."

Interview: Kitty Dekkers Tekst en foto: Marieke Boon